Nieuws ATM Moerdijk

Op jacht naar diffuse emissie

Potentiële lekverliezen continu in beeld door FLIR-camera metingen en het TP.AIM systeem

.
Het Activiteitenbesluit milieubeheer definieert diffuse emissie als: “emissie, in een andere vorm dan vanuit een puntbron, in de lucht, bodem of water, alsmede in enig product…” Dit impliceert dat de diffuse emissie gelijk is aan alle emissies naar de lucht, anders dan gekanaliseerde afgasemissies. Dus ook open of half open opslagen vallen hier onder.

Zo, zit u er al lekker in? Of bent u al afgehaakt? Graag nemen we u mee in wat er allemaal bij komt kijken om diffuse emissies naar de lucht zoveel mogelijk te voorkomen. Dit gebeurt door preventief onderhoud en door het actief opsporen van lekverliezen. Om deze vervolgens zo snel mogelijk weg te nemen. Nieuwe technieken helpen ons hierin vooruit.

We ontvangen veel vloeibare organische afvalstoffen per vrachtwagen en schip. Voor en na verwerking vindt opslag plaats in ons tankenpark. Verder worden bij ATM schepen en tankwagens gereinigd. Als gevolg van lekverliezen uit afsluiters, kleppen, pompen en flenzen kunnen diffuse emissies ontstaan. Met name emissies van koolwaterstoffen zijn hierbij relevant. Het is de kunst deze potentiële ‘leklocaties’ structureel te beoordelen op hun dichtheid en indien nodig te repareren.

FLIR-camera

Vanaf 2014 maken we voor de detectie van diffuse emissies gebruik van een zogenaamde FLIR-camera (FLIR: forward looking infrared). Het betreft een infraroodcamera waarmee voor het blote oog onzichtbare emissies toch zichtbaar worden. Middels de FLIR-camera kunnen in relatief korte tijd veel potentiële emissiepunten worden gescreend op mogelijke lekkage. De detectie van emissies met de FLIR-camera wordt uitgevoerd conform de NTA 8399 (NTA: Nederlands Technische Afspraak), waarin de standaardwerkwijze voor de detectie van emissies met een FLIR-camera is beschreven.

De FLIR-camera kan ook waterdamp en grote hoeveelheden warmte detecteren. Om zeker te stellen dat geen sprake is van waterdamp, wordt een potentiële emissie gekwantificeerd middels een TVA-meter (TVA: Toxic Vapor Analyzer). Hiermee wordt vastgesteld of koolwaterstoffen worden geëmitteerd en zo ja, in welke concentratie. Dit wordt uitgedrukt in ppm, parts per million.

Vanaf medio 2016 maakt ATM gebruik van de LDAR-softwaretoepassing (LDAR: Leak Detection and Repair) van leverancier TP Europe. Dit programma heet TP.AIM. Ook het uitvoeren van meetrondes wordt door TP Europe verzorgd. De basis voor dit systeem is een overzichtsscherm waarop een plattegrondtekening van het ATM-terrein is opgenomen. Op deze tekening zijn alle installaties weergegeven die met de FLIR-camera worden gecontroleerd. Via het overzichtsscherm is in één oogopslag inzichtelijk of, en zo ja bij welke installaties een lekkage is geconstateerd.

“De metingen worden door onze gecertificeerde inspecteurs bij de bron uitgevoerd en vastgelegd volgens de NTA 8399 richtlijn. Een heldere stap voorwaarts. Niet alleen in techniek, maar ook vanuit ATM’s safety en milieuoogpunt op en buiten het tankenpark”

aldus Edwin Stiegelis, CEO van TP Europe

ATM heeft een meetplan ingediend bij de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB), gebaseerd op FLIR-camera onderzoek. Dit is goedgekeurd en maakt inmiddels deel uit van de vigerende vergunning. Onze doelstelling is om alle geconstateerde emissies van 500 ppm of hoger ongeacht de samenstelling binnen de lopende controleronde, dus direct, te verhelpen. Jaarlijks vinden ten minste twee controlerondes plaats.

Assets, ofwel potentiële leklocaties, op het dak van een tank Assets, ofwel potentiële leklocaties, op het dak van een tank

Terugblik

Het uitvoeren van emissiemetingen met de FLIR-camera in combinatie met het registreren, oplossen en monitoren via de software TP.AIM is een grote vooruitgang. Vanaf 2014 werd in eerste instantie alleen gebruik gemaakt van de FLIR-camera. Later ook in combinatie met TVA-meters om emissies te kwantificeren en het effect van een reparatie te kunnen beoordelen. In deze periode werden de resultaten van een FLIR-camera meetronde in een rapportage vastgelegd. Naast dat dit veel werk was, bood dit nog steeds geen actueel inzicht in geconstateerde diffuse emissies en de benodigde reparaties. Ook was het op deze wijze niet mogelijk de resultaten te verwerken in trends. De resultaten werden namelijk op voorzieningenniveau (bijvoorbeeld een tank) gerapporteerd terwijl één voorziening meerdere assets (potentiële lekpunten) kan hebben. Vanaf medio 2016 wordt de FLIR-camera in combinatie met TP.AIM gebruikt.

Assets van een pomp Assets van een pomp

Tot 2014 werden, conform de destijds vigerende vergunning, diffuse emissiemetingen uitgevoerd door verspreid over het terrein tientallen badges op te hangen die gedurende 14 dagen de omgevingslucht bemonsterden. De badges werden vervolgens in laboratoria geanalyseerd. Daarnaast werd (bron)onderzoek uitgevoerd met een zogenaamde PID-meter (PID: Photo Ionisatie Detector). Met een dergelijke meter werden arbeidsintensieve controlerondes gelopen waarbij een indicatie van de emissies werd verkregen. Per definitie een grofstoffelijke momentopname die bovendien flink werd beïnvloed door (weers-) omstandigheden.

Het was destijds de stand der techniek, maar niettemin kon deze werkwijze eenvoudig tot discussies leiden. Door variërende windrichtingen was het soms zelfs niet duidelijk of de bron überhaupt bij ATM moest worden gezocht. FLIR-camera metingen in combinatie met het TP.AIM systeem hebben deze onduidelijkheden weggenomen. Nu weten we exact waar we moeten ingrijpen. En dat doen we dan ook direct.

Publicatiedatum: 3 maart 2017 10:00